Der Lokomotiv fietst de Grinta! X-Mass Ride

De aanloop

In de late zomerdagen van 2017 vraag ik Frederik Baeckelandt, de uitgever van Grinta!, of ze nog helpende handen nodig hebben voor hun Ride Together-ritten. Grinta! ligt me zeer na aan het hart. Het is een mooi belevingsblad, véél meer dan het zoveelste magazine dat ons zo nodig wil informeren over de nieuwste ontwikkelingen in de fietsindustrie. Bovendien ken ik het blad al zo lang. Ik heb het geluk gehad hun zoektocht naar een eigen identiteit te mogen meemaken.

Zo ben ik lid van de Groupo Sportivo Grinta!, een lezerskern die de boodschap van Grinta! willen uitdragen. Naar de geest, natuurlijk, maar ook met een prachtige outfit die ik met trots draag. Via de Groupo Sportivo Grinta! heb ik vrienden leren kennen, prachtige reizen gemaakt (bijvoorbeeld in de Dolomieten) en ben ik heel wat zotte uitdagingen aangegaan (bijvoorbeeld: in groep 100 keer de Kwaremont opfietsen in 100 minuten als eerbetoon aan de honderdste Ronde van Vlaanderen). Kortom: een pak mooie herinneringen. En daar wilde ik wat voor terugdoen…

Mijn eigen parcours!

En zo komt het dat ik beloof om een parcours te bouwen voor de Grinta! X Mass Ride van 26 december 2017. Ik fiets graag, ontdek graag nieuwe wegen en regio’s. Toch is een parcours uitstippelen voor de Ride Together-ritten ook complex, want ze moeten aan specifieke voorwaarden voldoen.

De ritten gebeuren in een groot peloton van zo’n 150 fietsers – motorbegeleiding en Bikeking, een mobiele fietshersteldienst, zorgen voor een veilige rit en dat pech snel verholpen wordt. Een groot peloton betekent dat je bredere wegen moet uitkiezen, waar tegenliggers zonder gevaar kunnen passeren. Hoe minder stoplichten het fietsritme onderbreken, hoe beter bovendien. En verder moeten de ritten wel voldoende uitdaging bieden, maar zetten ze toch vooral in op het gezellig samen fietsen: 500 hoogtemeters over 100 kilometer lijkt ons een mooi en haalbaar doel voor de winter.

Tegelijk zorgt die winter ervoor dat de afdalingen niet te technisch en bochtig mogen worden. Het kan glad zijn en je wil niet dat er een half peloton tegen de vlakte gaat. Tijdens de klimmetjes moet er dan weer wat moois aan de kant te zien zijn, vind ik. En als het even kan, wil ik ook enkele mooie historische plekken passeren: kapelletjes, watermolens, windmolens, oude boerderijen, mooie dorpscentra… bijvoorbeeld. Tot slot wil ik ook graag zoveel mogelijk de platgetreden paden vermijden.

 

Genoeg parameters om mee rekening te houden dus! De vraag was om een lus Oudenaarde-Bosberg-Oudenaarde te maken, met een tussenstop na ongeveer 50 kilometer. Die streek doorploeter ik als Gentenaar wel vaker. Ik hou van de Vlaamse Ardennen en de Zwalmstreek, net als ik de Pays de Collines in Henegouwen ook uitermate prachtig vind. Enthousiast duik ik achter mijn PC en in mijn fietskaarten…

Omdat we zullen starten aan het Centrum van de Ronde van Vlaanderen in Oudenaarde, een bedevaartsoord voor fietspelgrims, is een origineel begin van de tocht wel niet eenvoudig. Qua hellingen wil ik er la Houppe graag in: perfect halfweg tussen Oudenaarde en Geraardsbergen en naar mijn mening een van de absolute toppers van de streek. De Muur zou ik links laten liggen, of toch bijna. Ik denk eraan om de Guilleminlaan, een mooie brede slingerende klim, te doen die tijdens de Ronde van Vlaanderen als afdaling wordt gebruikt. Samen met de Bosberg heb ik in de eerste helft van de tocht dan toch al drie stevige hellingen op het menu.

Die hellingen wil ik verbinden over mooie wegen en vooral: ik wil mensen niet te veel bijkomend laten klimmen. Dat blijkt voor La Houppe niet eenvoudig. Ik moet dan immers minstens over twee kammen rijden: die van Ladeuze/Eikenberg en het Muziekbos. Een van die twee had ik graag vermeden. Of zal ik toch La Houppe schrappen om op een redelijk aantal hoogtemeters  te blijven? Het wordt een heerlijk middagje kaarten turen, ik raak er wel uit!

Voor de tweede helft van het parcours volgt de afweging of ik via de Zwalmstreek of terug langs de taalgrens naar Oudenaarde peddel. Ik besluit voor de Zwalmstreek te gaan: het zijn kortere hellingen en het is er simpelweg prachtig. Mijn route vecht vooral met Zottegem. Daar wil ik rondrijden, maar bij voorkeur niet door te verstedelijkt gebied. De kaarten bieden op het eerste gezicht geen oplossing. The proof of the pudding is in the eating, dus spring ik gewoon de fiets op voor een verkenningstochtje rond Zottegem.

Samen met Tom besluit ik om het parcours van de Driedaagse, dwars door het centrum, te volgen, via de Lippenhovestraat komen we bij de zwalm aan. De Paddestraat laten we rechts liggen: één kasseistrook moet wel volstaan. De Zwalmstreek zelf is makkelijker. Ik wil één van de prachtige watermolens passeren, een blik op de molen die op de top van de molenberg staat werpen en dan Oudenaarde binnenrijden, liefst zonder over te veel van de veel te talrijk gezaaide kasseien te moeten dokkeren. Daarvan hebben we in 2017 genoeg geproefd en na de Grinta! X-Mass Ride biedt 2018 snel genoeg nieuwe kansen voor die ondingen, waar we stiekem toch zo van houden – ik toch!

Het parcours testen

Na het uittekenen op kaart, volgt de test. Tom en enkele andere kompanen gaan mee op stap voor een gezellige, zondagse verkenningsrit. We stoten op wegwerkzaamheden waar we beter een weg rond banen, een verdwaalde eenrichtingsstraat die we in groep beter vermijden, een rood licht te veel en een paar te smalle wegen. En: we besluiten ook dat er minstens één helling te veel inzit. Na overleg schrappen we de Bosberg. In plaats daarvan fietsen we via de Gavers richting Zottegem. We klokken zo tevreden af op 101 kilometer en 730 hoogtemeters, iets te veel eigenlijk. Het mooie, vlotte parcours ligt er al. Nu is het uitkijken naar een overheerlijk ontbijt!

De rit zelf (26 december 2017)

Na een geslaagde kerstdag waarop ik Naomi, een Keniaanse vriendin, Parijs liet ontdekken, gaat de wekker lekker vroeg af. Ik stap goedgezind uit bed, klaar voor een gezellige dag op de fiets met vrienden en medelotgenoten: #ridetogether is het motto van de dag! Ik ben nieuwsgierig naar hoe ‘mijn’ rit zal verlopen. Dus spring ik in mijn koersbroek en Tempest-camouflagevest van Bioracer, grijp ik mijn ABUS-helm mee en vertrek ik naar Oudenaarde voor een overheerlijk ontbijt in het Centrum Ronde van Vlaanderen waar de sfeer er al goed in zit. Frederik geeft me nog een fluohesje met WOWOW-achterlichtje, waaraan de deelnemers de begeleiders kunnen herkennen. Een kerstmuts onder de helm maakt het plaatje af.

Na Frederiks briefing gaan we zo snel mogelijk de fiets op. Om 9.08 uur, om heel precies te zijn, trekt de karavaan zich op gang. Voorop rijdt een prachtige, oude Peugeot die dienstdoet als volgwagen. De politie gaf geen toestemming het eerste stuk N60 in groep te rijden, dus moeten we hergroeperen na een rood licht als we Oudenaarde buitenrijden. De tweede, échte start volgt evenveel kilometer later. Frederik en ik doen het kopwerk richting Schorisse, tot de achterhoede om een extra begeleider achteraan roept. Dus laat ik me genietend naar achteren zakken om daar de rest van de dag te blijven.

Na Schorisse komt de eerste helling. In de rit zitten geen steile klimmetjes, maar de hoogteverschillen leggen toch een groot niveauverschil in de groep bloot. Met 150 fietsers kan je niets anders verwachten natuurlijk. Met wat hulp blijft iedereen mooi in de groep en de sfeer zit nog steeds goed. De afdaling naar La Houppe volgt gauw en voor we het weten – het uitzicht is prachtig! – gaat het terug omhoog, twee kilometer lang deze keer. Er zijn dus wat meer duwkes en helpende handen nodig, maar iedereen blijft vlot bij elkaar.

 

Gezellig babbelend en genietend van de mooie omgeving gaan we door Henegouwen. Enkele lekke banden kort na elkaar zorgen voor een plaspauze voor we Geraardsbergen binnenbollen langs de gekende brug over het station. Onmiddellijk na de brug slaan we rechtsaf – de vesten doen we niet – om zo aan de volgende klim te beginnen. Mooi slingerend tussen de bomen leggen we de laatste lange helling van de dag af: aan de top van de Muur lonkt het mooie kasteel ‘Oudenberg’. Daarna slaan we opnieuw rechtsaf, op naar een kom lekkere, dampende soep.

Omdat we die kom soep blijkbaar niet zomaar verdienen, moeten we eerst nog de enige regenbui van de dag door. Die bui valt samen met de passage door het volgende centrum, waar iets te veel auto’s geparkeerd zijn. Dat zorgt voor een minder vlotte doortocht, omdat de moto’s niet op tijd vooraan raken. Een volgende keer moet ik daar meer rekening mee houden.

Spelen met de wind

Na de bevoorrading zakken we af naar Zwalm voor nog meer schilderachtige vergezichten en een leuk spel met de wind. Ik had het parcours al ruim zwaar genoeg gemaakt, dacht ik, maar op de open vlaktes begint een stevige zijwind er nog eens stevig in te hakken. Het is leuk om te zien hoe de groep vecht met de wind en het peloton in vijf, zes stukken breekt langs de spoorweg. Zelf hou ik van dat vechten tegen de wind, maar niet iedereen weet er weg mee, zeker bij zijwind.

Ik probeer een waaier op zetten en elke deelnemer die uit de grote groep is gewaaid, op te rapen. Met het zicht op de prachtige molen bovenop de legendarische Molenberg hergroeperen we weer. Omdat we een stukje terugdraaien, richting Schelde, speelt de wind voor even liefdevoller mee. Zodra we de Schelde over zijn, begint het gevecht tegen de wind van voren af aan. Het pak scheurt opnieuw uiteen. En opnieuw proberen we mensen die het lastig krijgen zo goed en zo kwaad mogelijk uit de wind te houden en weer tot bij het peloton te brengen.

Het spel met de wind blijft iets fascinerends. Zolang je erin slaagt om de uitgewaaiden uit de wind te zetten, kan je als groep perfect hetzelfde tempo aan en weer langzaam opschuiven richting pak. Maar die rust duurt nooit voor lang. Zodra iemand toevallig opnieuw nét te veel in de wind komt te zitten, zakt het tempo weer, en lijkt de aansluiting bij het pak weer verderaf. Ik geniet ervan, ook al krijg ik de laatste keer het gat tussen uitgewaaiden en peloton niet meer dicht. Als we Oudenaarde opnieuw binnenrijden, lukt het wel, en zo kunnen we toch nog in groep de rit afsluiten met een parade over de Grote Markt.

Bij een overheerlijke Kwaremont bedenk ik dat dit zeker voor herhaling vatbaar is. Een volgende keer moet ik wel aan de vooropgestelde hoogtemeters houden: het waren er op het randje van te veel. Er is nog ruimte voor verbetering in mijn parcoursopbouw. Toch zie ik hoofdzakelijk blije gezichten en hoor ik deelnemers meermaals zeggen dat het een heel mooi parcours was. Alweer een geslaagde rit!

Foto’s: De Grote Plaat